E-mail

 


E-mail is de afkorting voor electronic mail, elektronische post dus.

Het e-mail adres is opgebouwd uit:

Een naam Het teken @ (= at, engels voor bij) Een domeinnaam

Dus Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. is mario bij het domein marnoe.com

Kreten aangaande e-mailing zijn:

E-mail adres SMTP, (Simple Mail Transfer Protocol)
POP3
MX record
DNS, Domain Name Server
TCP/IP verbinding
TCP-poort
MIME
ASCII
IMAP
A-record

Basisbegrippen

Een e-mail is een simpele boodschap, een stuk tekst die je naar een bestemming stuurt. Je kunt ook bestanden aan het bericht toevoegen.

E-mail programma

Om te lezen heb je een of ander e-mail programma nodig. Een e-mail programma doet over het algemeen de volgende dingen voor je:

Het toont een lijst van alle berichten in je brievenbus.
Het stelt je in staat één van de berichten in deze lijst te selecteren en vervolgens te openen om de boodschap te lezen.
Het maakt het mogelijk om zelf nieuwe berichten te maken en deze te verzenden.
Het geeft je de mogelijkheid om een bestand aan een te verzenden bericht te koppelen.
Het maakt verbinding met je E-mail server.

E-mail server

Naast het e-mail programma heb je nog een e-mail server nodig. Het is een "grote" computer die altijd aan staat en waarop een speciaal soort programma is geplaatst dat voortdurend actief is.

E-mail servers hebben meestal twee programma's;

SMTP > wordt gebruikt om berichten te versturen

POP3 > om de e-mail berichten mee te ontvangen.

De techniek achter het mail verkeer (IMAP) Simple Mail Transfer Protocol (SMTP) is de facto*-standaard

* De facto is een Latijnse uitdrukking die "in feite" of "in de praktijk" betekent. Het wordt vaak als tegenovergestelde gebruikt van de jure wanneer men verwijst naar wetten, bestuur of techniek. De facto impliceert dat iets niet helemaal universeel geaccepteerd wordt. Wanneer een juridische situatie wordt besproken, betekent de jure expliciet wat de wet zegt, terwijl de facto refereert aan wat er gebeurt in praktijk, wat van elkaar kan verschillen.

SMTP begon wereldwijd gebruikt te worden in de vroege jaren 80. Toen was het een aanvulling voor UUCP.

Unix to Unix Copy, de P staat voor protocol

In dit 'protocol' worden bestanden van de ene Unix-computer naar de andere gekopieerd via een verbinding als een modem of via TCP/IP.
UUCP wordt tegenwoordig niet vaak meer gebruikt. Sendmail was een van de eerste mail transfer agent-programma's die SMTP gebruikten.

SMTP is een relatief simpel, tekst gebaseerd protocol: eerst wordt de afzender van het bericht gespecificeerd, daarna één of meerdere ontvangers en vervolgens de verzendgegevens en inhoud van het bericht. Om de SMTP-server voor een domein te bepalen wordt het MX-record van het DNS gebruikt.

(MX = Mail eXchange)

Voor bijlage en dergelijke wordt MIME gebruikt.

POP3 (Post Office Protocol)

Pop 3 is het meest gebruikte protocol voor het ophalen van e-mail van een mailserver. POP3 is een internetstandaard voor het overbrengen van e-mail van een server naar een client (e-mailprogramma van de gebruiker) over een TCP/IP-verbinding. POP3 en zijn voorgangers zijn zo gemaakt dat de gebruikers zonder constante internetverbinding (zoals dial-up-internet) hun e-mail kunnen ophalen als ze verbonden zijn met het internet, en vervolgens de berichten kunnen bekijken.

IMAP (Internet Message Access Protocol)

Het modernere IMAP-systeem kan zowel een "disconnected mode" (de POP3-methode) als een "connected mode" ondersteunen. Dit en andere eigenschappen van het IMAP-systeem laten toe dat meerdere clients toegang hebben tot dezelfde mailbox.

MIME (Multipurpose Internet Mail Extensions)

Omdat SMTP enkel als een puur ASCII-tekstprotocol* ontwikkeld was, kan het niet werken met bijlagen (binaire bestanden). Standaarden zoals MIME werden ontwikkeld om binaire bestanden om te vormen, zodat ze verstuurd kunnen worden over SMTP.

MX-record(Mail eXchange-record)

Een type verwijzing in een Domain Name System (DNS). DNS; het systeem waarin wordt opgegeven naar welk IP-adres netwerkverkeer moet worden doorgestuurd. Een MX-record bevat de hostnaam van de computer(s) die het e-mailverkeer voor een domein afhandelen en priorisatie code. E-mailberichten worden doorgestuurd naar het IP-adres dat is ingesteld op de name-server

 

E-mail versturen (SMTP)

Als je op de knop voor 'zenden en ontvangen' van je e-mail programma hebt geklikt, dan gebeurt het volgende:

  1. Het e-mail programma maakt via het internet een verbinding met het SMTP programma van de e-mail server.
  2. Het e-mail programma op je PC en de e-mail server wisselen vervolgens gegevens uit. PC > E-mail server
  3. De e-mail server leest nu het e-mail adres en splitst dit in twee stukken:  
  4. de naam van de ontvanger de domein naam van de ontvanger Mail adres achter @
  5. De e-mail server stuurt het bericht nu via het internet naar het SMTP programma op de e-mail server van de ontvanger.
  6. De e-mail server ontvangt de binnengekomen e-mail boodschap. De e-mail boodschap komt in de berichtenlijst van de ontvanger